Waterpolo Geschiedenis : Waterpolo op de Olympische Spelen
2004 – Athene
De 12 deelnemende landen werden in 2 groepen verdeeld:
-
Groep A: Hongarije, Kazachstan, Kroatië, Rusland, Servië-Montenegro en Verenigde Staten
-
Groep B: Australië, Duitsland, Egypte, Griekenland, Italië en Spanje
De beste 3 landen van iedere poule plaatsten zich voor de medaille ronde, de overige landen speelden voor de plaatsen 7 t/m 12.
De tweede parij van de voorronde was de replay van de finale vier jaar voordien in Sydney. Met hetzelfde spelverloop bovendien, alleen was Joegoslavië nu vervangen door de deelstaat Servië-Montenegro. Gemakshalve gaan we het over de Serviërs hebben, die stonden bij het ingaan van de laatste periode 4-3 voor, de Hongaren speelden echte opnieuw een overdonderend slotoffensief en wonnen de partij met 4-6. Hun overige wedstrijden wonnen de Serviërs: 3-4 tegen Rusland, 9-5 tegen Kroatië, 11-8 tegen Kazakstan en 4-9 tegen USA. De Hongaren maakten er een show van: 10-8 tegen Kroatië, 5-7 tegen USA, 4-12 tegen Kazakstan en 6-7 tegen Rusland.

alweer op het hoogste schavot: Hongarije
In groep B een verrassend Griekenland als eindwinnaar. De Helenen verloren hun openingswedstrijd tegen Duitsland weliswaar met 5-4, maar verrasten nadien vriend en vijand met winst tegen Spanje (8-5), Italië (4-6), Australië (10-9) en Egypte (4-15). En daardoor waren de Grieken rechtstreeks geplaatst voor de halve finales, net als Hongarije. In de kwartfinales vernederde Rusland de Duitsers met 12-5 en klopten de Serviërs Spanje met 7-5.
Griekenland was in de halve finale een maatje te klein voor de Serviërs, die met 3-7 makkelijk baas bleven. Hongarije-Rusland daarentegen was bibberen geblazen. Halfweg stond het nog 5-5, in het derde kwartje liepen de Hongaren twee doelpunten uit, maar wat de Russen in de laatste herneming ook probeerden, ze slaagden er niet in één keer te scoren. Eindstand 7-5.
Het brons ging naar Rusland, dat Griekenland met 6-5 wandelen stuurde. Vier van de Russische goals kwamen van de machtige hand van sterspeler Revaz Chomakhidze.
En dan die prachtige finale Hongarije-Servië/Montenegro. 5-5 halfweg, het derde kwartje was helemaal voor de Serviërs, een schitterende Aleksandar Šapić zorgde voor 5-7. En daarmee bracht hij zijn tornooitotaal op zo maar eventjes 18 stuks. En dan dat laatste kwartje, Hitchcock had het niet beter kunnen bedenken. Hoog opkomend scoorde Tamas Kasas de aansluitingstreffer. De Kroaten met een mannetje meer, konden aan de overzijde niet afwerken. In de tegenaanval penalty voor de Hongaren. Kasas liet de kans niet onbenut: 7-7. En opnieuw een mannetje meer voor de Kroaten, en opnieuw geen treffer. Gergely Kiss scoorde aan de overkant met een lel van jewelste, zijn vierde treffer in deze finale. De Serviërs hadden de laatste dertien minuten niet gescoord maar Šapić kreeg de kans om gelijk te maken. Eerst pareerde de Hongaarse doelman zijn schot en na de corner treuzelde hij net iets te lang waardoor de 25 seconden verstreken waren. Goud voor de Hongaren.

Zilver voor Servië-Montenegro
Tamas Kasas, 2 meter groot en 90 kg droog aan de haak, wordt
door velen naar voor geschoven als beste speler aller tijden. Daarover kan
uiteraard gediscussieerd worden, feit is dat de Hongaar een uitzonderlijk spelinzicht
had en zonder twijfel een super sterke verdediger was. Eén van zijn grootste pluspunten:
zeer hoog uit het water komen, waarmee hij heel wat doelpunten lukte, maar
tevens massa's schoten van de tegenpartij afblokte. Zijn vader Zoltan,
polo zilver op de Spelen van Munchen, leerde hem het spel op zesjarige leeftijd.
In 1996 maakte zoonlief zijn debuut op de Spelen van Atlanta. Vanzelfsprekend
werd hij door de Italiaanse profclubs aangetrokken, zo speelde hij ondermeer
bij Possolipo Napoli en Savona.
Ploegmaat
Gergely Kiss vervulde in Athene eveneens een glansrol. Twee meter groot voor
110 kg, ne 'kleine' zeg maar. Vooral in de finale schitterde hij met zijn vier
doelpunten en scoorde hij de beslissende treffer. Geri speelt momenteel bij
Domino BHSE Boedapest en studeert rechten aan de Universiteit van Boedapest.
Voordien was hij verschillende jaren in Italië aktief
voor Posillipo Napoli, Canotteri Napoli en Universo Bologna.

Vladimir Vujasinović
Vladimir Vujasinović had in Sydney brons gehaald met Joegoslavië, in Athene tekende hij met zijn team voor het zilver. Momenteel speelt hij bij ProRecco Genua.

Aleksandar Šapić
Voor de titel 'beste aanvaller ter wereld' wordt dikwijls de naam Aleksandar Šapić genoemd. Hij was en is dan ook gegeerd wild op de transfermarkt. In 2005-2006 speelde hij met het Italiaanse Powerhouse Savona de halve finale van de championsleague in Dubrovnik tegen VK Jug. Ondank het feit dat Sapic omringd was met Tamas Kasas, Bogdan Rat en Viktor Jelenic, verloor Savona met 8-9. Op dat ogenblik behoorde Šapić al tot de top vijf van best betaalde polospelers, maar de 300.000 US dollar die het Russische Sturm hem bood voor het seizoen 2006-2007 maakten hem tot best betaalde speler ter wereld. Eind 2005-2006, was Šapić houder van een fenomenaal record. Sedert 1995 was hij 11 opeenvolgende seizoenen topscorer van de hoogste reeks van het land waarvoor hij speelde. Op het WK 2005 in Montreal en het EK 2006 in eigen huis veroverde hij met zijn teammaats goud. In 1991 maakte hij zijn debuut in de eerste ploeg van Partizan Belgrado, hij was toen net 13 jaar oud. De volgende zeven jaar speelde hij voor VK Bečej, goed voor zes Joegoslavische titels en evenveel bekers. In 1999-2000 veroverde hij met dat zevental de Europese beker en scoorde hij in de finale tegen VK Mladost Zagreb zo maar eventjes vijf doelpunten. Datzelfde jaar was hij met 39 treffers topscorer in Joegoslavië. Omwille van financiële problemen werd Bečej opgedoekt, Šapić verhuisde naar de Italiaanse competitie en speelde drie seizoenen voor Camogli. Tijdens het EK 2003 in Slovenië scoorde hij de winning goal in de finale tegen Kroatië, hij kroonde zich ook tot topschutter van dit tornooi. In 2004 tekende Šapić voor Savona. Maar Šapić staat ook bekend om zijn ontvlambaar karakter. Tijdens de WK 2003, na incidenten in de halve finale tegen Italië, werd hij, samen met Dejan Savić, door de FINA negen maanden geschorst. In april 2005, tijdens de finale van de LEN Cup tussen Savona en Šapić voormalige club VK Partizan, kwam hij in aanvaring met de bezoekende fans. Hij reageerde op hun beledigingen toen hij het bad verliet. Dat jaar leidde hij zijn club ook naar de Italiaanse titel.
Bij de vrouwen werden de 8 deelnemende landen in 2 groepen verdeeld:
-
Groep A: Australië, Griekenland, Italië en Kazachstan
-
Groep B: Canada, Hongarije, Rusland en Verenigde Staten
De beste 3 landen van iedere poule plaatsten zich voor de medaille ronde, de overige landen speelden voor de plaatsen 7 en 8.
Titelverdediger Australië won in de voorronde met 6-5 tegen Italië en met 9-4 tegen Kazakstan. Verrassend genoeg kwamen ze tegen de Grieken niet verder dan een 7-7 gelijkspel. Toch plaatsten de Aussies zich met hun eerste plaats in het eindklassement rechtstreeks voor de halve finale, net als de Amerikanen in de B-reeks. In de kwartfinales twee verrassende winnaars: Griekenland stuurde de Russen huiswaarts met 7-4, de Italianen namen met 8-5 de maat van Hongarije.
En dan die eerste onvergetelijke halve finale. De Amerikanen liepen tegen Italië vlot uit: 2-1, 3-2 en 4-2 bij de laatste herneming. De strijd leek gestreden, zeker toen de Yanks er nog eentje meer lieten optekenen. Maar toen begon de Italiaanse motor plots te draaien, bij het eindsignaal erop en erover: 5-6 alsjeblief.

de Griekse vrouwen na de winst tegen Australië
De andere halve finale was niet veel soeps, de Grieken haalden het makkelijk met 2-6. Het brons ging naar de USA, die Australië wandelen stuurden met 5-6.

Italië
De finale was nog maar eens een kijkstuk van formaat. Griekenland 3-2 voor na het eerste kwartje, 6-5 na het tweede kwartje, maar voor de laatste periode kwam Italië 6-6 langszij. 7-7 bij affluiten, verlengingen dan maar. In de eerste opnieuw geen verschil, 9-9, in de tweede slechts één doelpunt, van Italiaanse makkelijk en meteen goed voor goud.
Zwemmen
Michael Phelps had slechts één doel voor ogen, en dat schreeuwde
hij dan ook van de daken: in Athene wou en zou hij het record van Mark Spitz,
zeven keer goud op dezelfde Spelen, verbeteren. De 19-jarige Amerikaans zorgde
inderdaad voor een unieke prestatie, in zijn eentje zwom hij immers 8 medailles
bij elkaar: maar het waren 'slechts' 6 gouden en 2 bronzen. Vier
jaar eerder in Sydney was Phelps al van de partij, amper 15 jaar oud, maar
toch al vijfde in de finale 200m vlinder. Negen maanden later al eigende hij
zich het wereldrecord van dat nummer toe, meteen goed voor de titel jongste
wereldrecordhouder. Nog eens vier maanden later wereldtitel en nieuw record.
En dat was nog niet alles: op dat WK in 2003 oogstte hij vier keer goud, twee
keer zilver en vier wereldrecords. In 2004 kwalificeerde hij zich als eerste
zwemmer voor liefst zes individuele wedstrijden van de Olympische Spelen. Hij
zag af van deelname aan de 200m rug. De eerste dag was het al bingo: winnaar
op de 400m wissel en 3,5 seconden onder het wereldrecord. 's Anderendaags
een eerste opdoffer: 'slechts' derde op de 200m vrij en eveneens 'slechts' brons
in de 4x100m vrij. Daarna was het al goud wat blonk: 200m vlinder en een uurtje
later 4x200m vrij, 100m vlinder en tenslotte 4x100m wisselslag.

Aaron Peirsol
Vreemd verhaal in de 200m rug. Nadat hij de 100m had gewonnen was Aaron Peirsol ook de beste in de 200m. Een official had echter een fout keerpunt genoteerd en de Amerikaan werd gediskwalificeerd. 's Avonds kwam het eerherstel, hij kreeg zijn gouden medaille toch omdat de keerpuntrechter zijn beslissing niet in het Frans of het Engels kon motiveren. Later volgde ook nog eens goud op de 4x100m wisselslag. Marcus Rogan, die als tweede aantikte, nam het filosofisch op: "Ik ben misschien wel de kortste olympische kampioen uit de geschiedenis, maar wat voor mij telt, is dat ik de 2de beste rugslagzwemmer ter wereld ben." De Oostenrijker liet zelfs uitschijnen dat de diskwalificatie wel eens politiek getint zou kunnen zijn. Peirsol had namelijk geïnsinueerd dat de Japanse schoolslagzwemmer Kosuke Kitajima, goud op 100 en 200m schoolslag vals had gespeeld. En laat die keerpuntrechter nu toch geen Japanner zijn zeker. De controverse was de zoveelste die aanleiding gaf tot een reglementswijziging. Kitajima bleek bij start en keerpunt namelijk een dolfijnbeweging te gebruiken. En dat was verboden. De USA diende dan ook protest in, maar de FINA veranderde vlug de regel, de vlinderbeweging werd toegestaan.

Roland Schoeman
Roland Schoeman begon op 16-jarige leeftijd met zwemmen om een vriendinnetje te imponeren, enkele maanden later deed hij al mee aan wedstrijden. Het begin van een mooie carrière. In Athene haalde de Zuid Afrikaan zilver in het koninginnenummer, achter van den Hoogenband, maar voor Thorpe, brons in de 50m (op slechts 9/100ste van winnaar Gary Hall Jr) en volle pot in de 4x100m vrij. En dat laatste was de grootste verrassing in het zwembad, als startzwemmer had Schoeman zulk een voorsprong bijeengezwommen dat noch Nederland, noch de Verenigde Staten konden terugkomen. De voorsprong was 1.19 seconden, en die 3.13.17 waren meteen ook goed voor een nieuw wereldrecord. Op het WK van 2005 in Montreal won hij zelfs twee keer goud: 50m vrij en 50m vlinder, dit laatste in 22.96, een nieuw WR. Eind dat jaar sloeg hij het bod van 6 miljoen dollar af, dat de minister van Sport van Qatar overhad om hem naar zijn land te halen en van nationaliteit te doen veranderen. In augustus 2006 dook hij als eerste zwemmer onder de 21 seconden in de 50m vrije slag in klein bad, die 20.98 waren zelfs 12/100sten beter dan de vorige besttijd op naam van de Fransman Fréderick Bousquet. Dit gebeurde in een speciaal gebouwd 25m-bad in een Hamburgse tennishal.
Bij de vrouwen een nieuw wereldrecord 4x200m vrij, Natalie Coughlin, Carly Piper, Dana Vollmer en Kaitlin Sandeno doken onder de 17-jaar oude besttijd van Oost-Duitsland.

Natalie Coughlin
Nathalie Coughlin had Filipijns en Iers bloed in de aderen. De Amerikaanse studeerde af als psychologe aan de University of California. Buiten het goud van de 4x200m vrij tikte ze ook als eerste aan na 100m rug en veroverde ze met het team zilver in de wisselestafette.
Jenny
Thompson is één van de meest bekroonde Olympische zwemsters
aller tijden: 12 medailles, waarvan acht gouden op de Spelen van 1992, 1996,
2000 en 2004. Tijdens haar eerste Spelen in Barcelona was ze topfavoriete voor
vijf keer goud. Het werden er 'slechts' twee, in beide estafettenummers.
In de 50m vrij miste ze de finale, in het koninginnenummer was de Chinese Zhuang
Yong haar te snel af. En dat zorgde voor de nodige wrevel, vooral omdat Thompson
naar de dopingcontrole moest en niet de winnares. Voor de Spelen van Atlanta
kon ze zich voor geen enkel individueel nummer plaatsen, wel haalde ze drie
keer goud in de estafettenummers. De Olympische Spelen leken haar doembeest,
want tijdens de WK won ze acht titels, zelfs drie op rij in het koninginnenummer.
Uiteraard was ze topfavoriete voor dat nummer op de Spelen van Sydney in 2000.
Lukte ook nu weer niet: brons over 100m vrij en vijfde over 100m vlinder. Haar
revanche kwam nog maar eens met drie keer winst in de estafettes, met wereldrecords
in de 4x100m vrij en 4x100m wissel. Datzelfde jaar verbeterde ze op het WK
voor de vierde maal de besttijd 100m vlinder: 56.56. Haar pensioen leek nabij,
maar Jenny wilde niet wijken. Op het WK van 2003 won ze vijf medailles, waarvan
twee gouden. Op de Spelen in Athene tenslotte haalde ze met het team twee keer
zilver, en dat op 31-jarige leeftijd. In 2006 studeerde ze aan de Columbia
University af als dokter-anestesiste.

Laure Manaudou
Een frisse verschijning die Laure Manaudou. In Athene won ze heel verrassend de 400m vrij, tikte ze als tweede aan na 800m en werd ze derde over 100m rug. In 2005 werd ze wereldkampioene in de 400m vrij en datzelfde jaar onderbood ze het wereldrecord 400m wissel met 3 volle seconden. De Française, met roots in Martinique, eigende zich in 2006 ook de wereldtijd 400m vrij toe, met 4.03.85 dook ze 82/100ste onder het acht jaar oude record van Janet Evans.
Olympische Anekdotes uit 2004

Alexei Nemov
Nooit eerder gezien op competitievlak. Het publiek joelde de jury bij het turnen minutenlang uit, omdat het vond dat Alexei Nemov te weinig punten kreeg. De score werd aangepast!

Eleni Ioannou
Zelfmoordpoging van de Griekse judoka Eleni Ioannou, die uit het raam van haar kamer sprong. Problemen met haar vriendje, zo bleek. Ze lag enkele dagen op intensieve en overleed toen. Vriendje Giorgos, naar het schijnt verslaafd aan drugs, was ontzettend jaloers en wilde niet dat ze in het Olympisch dorp verbleef. Enkele dagen later sprong hij van hetzelfde balkon, maar overleefde de val.

Léonidas Sampanis
Een ander drama voor de Grieken was het inleveren van de bronzen medaille die Léonidas Sampanis bij het gewichtheffen veroverde. Aan de verboden snoepjes gezeten, heette het. De woede daarover was in Griekenland zo groot dat de Griekse Post 136 000 postzegels met zijn beeltenis introk.
|
|
En het was al niet goed begonnen voor de Helenen: Kostas Kenteris en Katerina Thanou, beiden medaillekandidaten in atletiek, mochten zelfs niet aantreden in Athene, omdat ze een dopingcontrole ontliepen. Keneteris had in Sydney goud gehaald op de 200m, Thanou was daar goed voor zilver in de 100m. Frankie Fredericks moest het Griekse publiek bedaren toen bleek dat Konstantinos Kenteris zijn titel op de 200m niet mocht verdedigen.

Sensatie bij de marathon: Vanderlei de Lima liep aan de leiding toen een gek hem omver duwde. De Braziliaan was zijn ritme kwijt en finishte als derde.

Justine Henin
Belgisch goud voor Justine Henin in het enkelspel tennis.

Axel Merckx
Axel Merckx finishte als derde in de wegrit bij het wielrennen.

Ilse Heylen
Brons voor judola Ilse Heylen in de -52 kg.

Carolina Klüft
Carolina Klüft won de zevenkamp met een totaal van 6.952 punten, een voorsprong van 517 punten. Ze werd tweemaal wereld- en evenveel keer Europees kampioen. De Zweedse kon ook haar mannetje staan in het verspringen, bovendien trad ze meermaals aan met de estafette 4x100m. Ondanks een voetblessure, opgelopen daags voor de opening van het WK, won ze in Helsinki toch het goud, zij het met luttele 63 punten verschil. Vriendje en kamergenoot Patrik Kristiansson is polsstokspringer.

Leontien Zijlaard-van Moorsel
Leontien Zijlaard-van Moorsel werd de eerste wielrenster die 4 keer goud kan voorleggen op een totaal van 6 medailles.

Het Duitse vrouwenteam K4 500m
2de van links is Birgit Fischer
De Duitse kanospecialiste Birgit Fischer werd de eerste atlete die op elk van haar vijf Olympische Spelen 2 medailles kon binnenrijven.

Hicham El Guerrouj
De Marokkaan Hicham El Guerrouj won zowel de 1500 als de 5000m

Kelly Holmes
Dubbelslag voor Kelly Holmes. De Britse won de 800m en de 1500m. In de 800m hield ze zelfs torenhoog favoriete Maria Mutola achter zich.
Argentinië boven in de ploegsporten: de voetballers winnen het tornooi zonder tegendoelpunt, de basketters versloegen in de halve finale het Amerikaanse Dream Team met 89-81 en haalden het in de finale tegen Italië met 84-69.

