contact | login

Waterpolo Geschiedenis : Waterpolo op de Olympische Spelen

OlympischLogo1956 – Melbourne

De 10 deelnemende landen waren verdeeld over 3 groepen:

  • Groep A: Australië, Joegoslavië, Roemenië en USSR

  • Groep B: Groot-Brittannië, Hongarije en Verenigde Staten

  • Groep C: West-Duitsland, Italië en Singapore

De beste 2 landen van iedere groep gingen naar de finale ronde, de overige landen speelden voor de plaatsen 7 t/m 10.

Wie anders dan Hongarije als winnaar, met opnieuw Joegoslavië op de tweede plaats en Sovjet Unie als derde. Hongarije wint in de finalepoule met 4-0 van Italië en verslaat ook Duitsland en Rusland met dezelfde cijfers De Joegoslaven krijgen met 2-1 het nakijken, een vijf op vijf.

hongarije
de Hongaarse kampioenen, let op het oog van Ervin Zador
(2de van rechts, onderste rij)

Het was zeker geen verrassing dat de wedstrijd tussen Hongarijë en de Sovjetunie een emotionele aangelegenheid zou worden, de Russen waren immers drie weken voordien Hongarije binnengevallen om de opstand te onderdrukken. De ironie van het lot bepaalde dat de wedstrijd geleid zou worden door een scheidsrechter uit het neutrale Zweden. De Hongaren zochten revanche en de partij had meer weg van een kleine oorlog, bloedig met ontzettend veel geweld. In de laatste minuut floot de scheidsrechter af omdat er onder water meer gevochten werd dan dat er waterpolo gespeeld werd. De 4-0 van dat ogenblik werd als einduitslag behouden. Onder gewapende politiebegeleiding moesten de Russen het bad verlaten, ook al om het gevecht niet buiten het zwembad te laten hervatten.  De 5.500 aanwezige toeschouwers hadden zich immers volledig tegen de Russen gekeerd.

In die laatste minuut had de Valentin Prokopov het oog van de Hongaar Ervin Zador met een vuistslag open geslagen. Na de wedstrijd vertelde Ervin Zador: "Wij voelden aan dat we niet alleen voor onszelf aan het spelen waren, maar voor alle Hongaren. Deze wedstrijd was de enige manier om terug te vechten tegen de Russische inval." Zador wordt overigens beschouwd als één der grootste waterpolospelers aller tijden. Hij was 21 jaar, toen hij naar Helsinki kwam. In de strijd tegen de Russen scoorde hij twee van de vier doelpunten. Hij was ook één van de zes Hongaren die na de Spelen naar het Westen vluchtte, maar ook de enige die nooit terugging. Ook niet toen de Hongaarse regering hem in september 2006 naar Boedapest uitnodigde om de 50ste verjaardag van die heugelijke overwinning te vieren. In de Verenigde Staten werd hij zwemcoach en Mark Spitz was één van de talenten die hij klaarstoomde.

zador
De enige bekommernis van de hevig bloedende Zardor: kan ik de volgende wedstrijd spelen?

In April 2006 vond de première plaats van de film Freedom's Fury, met Lucy Liu en Quentin Tarantino als producers. De film is een documentaire over de fameuze Russische invasie in 1956, met de waterpolowedstrijd als één van de hoogtepunten. De documentaire volgt de geschiedenis van de jonge ster Ervin Zádor. Mark Spitz spreekt de verhaal van Freedom’s Fury in.

Zwemmen

Voor een talrijk opgekomen thuispubliek lieten de Australische zwemmers zich van hun beste zijde zien: zowel bij de mannen als de vrouwen wonnen ze alle vrije slag nummers en veroverden het team acht gouden, vier zilveren en twee bronzen medailles. De mannen wonnen vijf van de zeven titels.

rose
Murray Rose

Na Johnny Weismuller was de 17-jarige Murray Rose de eerste die twee vrije slag nummers won: 400 en 1500m met de titel plus het wereldrecord in de 4x200m als toetje. Rose was geboren in Schotland, maar na de tweede Wereldoorlog verhuisden zijn ouders naar Australië, waar hij leerde zwemmen. Hij was gekend voor zijn strikte vegetarische levensstijl, wat hem de bijnaam The Seaweed Streak opleverde. In totaal zette hij 15 wereldrecords neer. Een laan dicht bij het Olympisch stadion werd naar hem genoemd. Tijdens de Spelen van Rome in 1960 won hij goud op de 400m vrij, zilver op de 1500m en brons in de 4x200m.

fraser
Dawn Fraser

Dawn Fraser won goud in de 100m vrij en 4 x 100m. Later zou ze als eerste vrouw onder de minuut duiken in het koninginnenummer en dat wereldrecord werd pas in 1973 gebroken, acht jaar nadat Frasier haar badpak aan de wilgen hing. Een verplicht stoppen overigens, de Australische zwembond had haar tien jaar geschorst. Ze was nooit een makkelijke meid geweest, maar alles bereikte een hoogtepunt op de Olympische Spelen van Tokio in 1964: ze droeg een oud zwempak dat volgens haar beter zat, maar daarmee waren de sponsors niet akkoord, marcheerde zonder toestemming mee in de openingsceremonie en klom in een vlaggemast aan het paleis van keizer Hirohito om een Olympische vlag te stelen. De keizer vergaf haar het echter en schonk haar de vlag als aandenken, haar schorsing werd na 4 jaar opgeheven. In totaal veroverde ze acht Olympische medailles, waarvan vier gouden. Tijdens de Spelen van Sydney werd ze in ere hersteld en liep ze de fakkel het stadion in.

Opnieuw controverse in de schoolslagnummers. Omdat het bovenkomen na de slag de snelheid afremde, verkozen heel wat zwemmers om onder water te blijven zwemmen. Zes zwemmers werden gediskwalificeerd, omdat ze veel te lang onderbleven. De regels waren immers veranderd, na het eerste bovenkomen na start of keerpunt, diende men na iedere slag boven water te komen. De Japanner Masaru Furukawa omzeilde die regel, hij kwam na de start helemaal niet boven en bleef onder water tot net voor elk keerpunt. Dat leverde hem het goud op. Uiteraard kreeg hij opvolgers, maar heel wat van hen kregen problemen wegens zuurstoftekort. Het verplichtte de FINA om de regels weer eens te herzien: het hoofd moest boven water komen na iedere cyclus.

theile
David Egmont Theile

David Egmont Theile won de 100m rug en dat deed hij vier jaar later nog eens over in Rome. Om zich optimaal op de Spelen voor te bereiden stelde hij zijn doktersstudies even uit. Enkele officiëlen hadden tijdens de schiftingswedstrijden opmerkingen over zijn keerpunt en vroegen hem een demonstratie daarvan te geven. Dat weigerde hij pertinent. Hij won de finale in een nieuwe wereldrecordtijd. In 1962 studeerde hij af als arts.

mccormick
Pat McCormick

Opnieuw twee duiktitels voor de Amerikaanse Pat McCormick. Ook bij de mannen normaal gezien twee gouden medailles, maar de Russische en de Hongaarse kamprechters gaven in het torenspringen favoriet Gary Tobian zulke lage cijfers dat de overwinning onverwacht naar de Mexicaan Joaquim Capilla ging, met amper 0,3 punten verschil. De Mexicaan had voordien brons gehaald op de 3m-plank.

Olympische Anekdotes uit 1956

morrox
Bobby Joe Morrow

Driemaal goud voor de Amerikaanse sprinter Bobby Joe Morrow: 100m, 200m en 4x100m. Net voor de Spelen had een hardnekkig virus hem echter parten gespeeld, waardoor hij 5 kilo was afgevallen. Het belette hem niet het wereldrecord 200m van Jesse Owens scherper te stellen.

Twee internationale gebeurtenissen zorgden voor de eerste boycot. Britten en Fransen waren betrokken bij de Suez crisis, reden waarom Egypte, Libanon en Irak forfait gaven. De Russische inval in Hongarije was oorzaak van de afwezigheid van de Nederlanders, Zwitserland en Spanje. De derde boycot kwam van de Volksrepubliek China, dat niet aanvaardde dat Formosa aan de Spelen deelnam.

Oost- en West-Duitsland vormden één team. Vanaf 1968 presenteerden ze elk een eigen selectie.

cuthbert
Betty Cuthbert

De 18-jarige Australische Betty Cuthbert kreeg de titel Golden Girl, nadat ze drie keer goud won in de loopnummers: 100m, 200m en 4x100m. In dit laatste nummer haalde ze de achterstand tegen de Engelsen op en vestigde ze meteen ook een wereldrecord. Op de Spelen van Rome in 1960 kwam een Hamstringblessure roet in het eten gooien, ze moest opgeven na één race. Maar vier jaar later in Tokio vierde ze haar come back, met winst op de 400m. "De enige perfecte race uit mijn leven", zei ze zelf. Daarmee werd ze de enige vrouwelijke atlete die goud veroverde in de drie loopnummers. Tussen 1956 en 1964 liep ze 18 wereldrecords: 60m, 100 yards, 220 yards, 400m, 4x100m en 4x200m. In 1979 werd ze door Multiple Sclerose getroffen. Op de Spelen van Sydney in 2000 verscheen ze in het stadion, gezeten in haar rolstoel, waarop de olympische vlam bevestigd was.

cuthbert

De Sovjetatleet Vladimir Kuts won de 5.000 en 10.000 m.

De Spelen werden betiteld als de Friendly Games, maar dat gold dan zeker niet voor het waterpolo.

De olympische ruitermedailles werden in Stockholm verdeeld, als gevolg van Australische quarantaine regels.

mcdaniel
Mildred Mc Daniel

Mildred Mc Daniel, bijnaam Tex, won het hoogspringen bij de vrouwen. De Amerikaanse was pas laat met sporten begonnen, op het college beloofde de sportleraar een nieuw paar schoenen aan ieder meisje dat in het basketbal 10 vrijworpen omzetten kon. Mc Daniel slaagde daarin en werd in het basketteam opgenomen. Maar ook de atletiektrainer zag iets in dat meisje en stoomde haar klaar voor hoogspringen, verspringen, horden en estafette. Het hoogspringen werd echter haar favoriete nummer, in 1956 werd ze voor de Olympische Spelen geselecteerd en daar versloeg ze niemand minder dan Yolanda Balach voor het goud. Balach had met 1m75 net voor de Spelen het werelrecord scherper gesteld. Toen haar zege vaststond liet McDaniel de lat op 1m76 leggen en bij haar tweede poging ging ze erover.

In het turnen twee blikvangers: de Oekrainer Viktor Chukarin haalde vijf medailles, waarvan drie gouden, de Hongaarse Agnes Keleti bracht haar Olympisch totaal op tien medailles door vier keer goud te winnen en tweemaal zilver.

Het Amerikaanse basketteam zorgde voor de grootste dominantie uit de Olympische geschiedenis: ze scoorden dubbel zoveel punten als alle tegenstanders en wonnen iedere wedstrijd met minstens 30 punten verschil.

brasher
Chris Brasher

Commotie in de 3000m steeple, die gewonnen werd door de onbekende Brit Chris Brasher. De scheidsrechters diskwalificeerden hem echter omdat hij de Noor Ernst Larsen zou gehinderd hebben en daardoor ging de overwinning naar de Hongaar Sandor Rozsnyoi. De Brit ging hiertegen in beroep en dat beroep werd gesteund door Larsen, de Duitser Heinz Laufer en tot ieders verrassing ook door de sportieve Hongaar. Brasher kreeg het goud uiteindelijk toch goud.

De Hongaar Laszlo Papp werd de eerste die drie keer goud won in het boksen.

 

<< 1952                                                                                                1960 >>