|
De 18 deelnemende landen werden over 6 groepen verdeeld. De beste 2 landen
van iedere groep gingen naar de tweede ronde. Hier werden de 12 landen
verdeeld over 4 groepen. De beste 2 landen van iedere groep gingen naar de
derde ronde, verdeeld over 2 groepen. De nummers 1 en 2 van iedere groep
speelden om de medailles, de nummers 3 en 4 om de plaatsen 5 t/m 8. Onderlinge
resultaten telden voor het gehele toernooi.
Grote verrassing: het Italiaanse zevental versloeg torenhoog favoriet
Hongarije, terwijl Nederland met brons zijn eerste Olympische medaille
binnenhaalde.

Het waterpolo schavot
Bij de Italianen Cesare Rubini in de ploeg, die later succesvol op basket
overschakelde, waar hij niet alleen een prima speler werd, maar vooral een
wereldberoemde coach. Het is niet zo dat hun opponenten werden getraind op het spelen van gratis pokeren of op geluk konden teren. De Italianen speelden gewoon schitterend en verdienden alle lof voor hun winst. Dit leverde hem in 1994 een opname op in de Basket
Hall of Fame, maar ook in de International Swimming Hall of Fame. Vier jaar
na het goud van Londen, veroverde hij in Helsinki ook nog eens brons met
het waterpoloteam.

Cesare Rubini
België won in Groep A met 10-1 tegen Uruguay en speelde
4-4 gelijk tegen de Verenigde Staten, waarmee het groepswinnaar werd. In de tweede ronde 1-1 gelijk tegen Zweden en dank zij
het eerdere gelijkspel tegen de Verenigde Staten door naar ronde 3.
Eerst 3-3 tegen Nederland en daarna 4-1 winst tegen Spanje
zorgden voor een zitje in de finale. Die was er echter te veel aan: tegen
Italië ging
het zevental 2-4 onder en Hongarije haalde het met 3-0, meer dan een
vierde plaats zat er niet in voor de Belgen
Omwille van hun aandeel in Wereldoorlog II geen Japanners
in Londen, de Amerikanen lieten het niet aan hun hartje komen en scoorden
bij de mannen een zes op zes.
Allen McIntyre Stack won de 100m rug, drie jaar later had hij al zeven wereldrecords
op zak en 22 Amerikaanse besttijden. Al had dat Olympisch goud aan een zijden
draadje, of beter gezegd een koordje gehangen. Seconden voor het startschot
begaf het koordje van zijn zwembroek het en zakte die af. Hij schreeuwde
de starter toe om niet te starten, en die bood Stack de mogelijkheid een
nieuwe zwembroek aan te doen. Vier jaar later in Helsinki wilde hij zijn
overwinning overdoen, maar net voor de Spelen viel hij met zijn moto. Met
een ingetapte hand werd hij toch nog vierde.

Georges Vallerey
Een opmerkelijk figuur in datzelfde nummer was de Fransman
Georges Vallerey, die brons veroverde. Tijdens zijn jeugd redde hij in de
haven van Casablanca verschillende vissers van de verdrinkingsdood, nadat
hun boot gebombardeerd was. In Parijs werd een zwembad naar hem genoemd en
in Frankrijk verschillende straten en zelfs kades. Hij stierf zeer
jong, amper 27 jaar oud.

Nel van Vliet
Nel van Vliet, die pas op 16-jarige leeftijd begon met zwemmen,
behaalde de gouden medaille op de 200 meter schoolslag. In haar hele zwemcarrière
brak ze liefst 15 wereldrecords. Eén week na de Spelen stalen inbrekers
haar medaille, in 2004 kreeg ze van het Olympisch comité een copie.
In het begin had ze de nodige problemen met inschrijven voor internationale
wedstrijden, omdat haar vader haar destijds vergeten had aan te melden
bij de burgerlijke stand. Na haar sportieve loopbaan werd ze, zoals
zovele anderen, zwemtrainster. De Deense zwemster Greta Andersen werd tijdens de 400m
vrije slag onwel in het water, zij werd van de verdrinkingsdood gered
door een Amerikaanse en een Hongaar die het bad in doken.
In het duiken waren 10 van de 12 medailles voor USA.

Gaston Reiff
De 28-jarige Gaston Reiff won de 5000m, voor België meteen het eerste
atletiekgoud ooit. Reiff behoorde allerminst tot de favorieten, de Tsjech
Zatopek en de Nederlander Wim Slijkhuis werden getipt als mogelijke winnaars.
Reiff voelde zich echter in topvorm en liep veertig meter uit op zijn concurrenten.
Naar het einde toe verzwakte hij, maar kon hij de opkomende Zatopek toch
achter zich houden. Zatopek van zijn kant won de 10.000m, en dat was het
begin van een memorabele carrière.

met minder dan 400 meter te lopen steekt Cabrera Gailly voorbij
Etienne Gailly, een Belgische para, zorgde in de marathon bijna voor
het tweede Belgische atletiekgoud . Hij kwam als eerste het stadion
binnen, maar verloor dan plots alle krachten. Gailly waggelde over
de piste en werd in extremis nog voorbijgestoken door de de Argentijn Delfo
Cabrera en de Brit Thomas Richards. Uiteindelijk haalde Gailly de eindmeet
in de bronzen positie. Op 48-jarige leeftijd overleed hij, omvergereden
door een auto.
Het Belgische wielrennen was zeer succesvol tijdens deze
Spelen met goud in de ploegentijdrit: zilver voor Pierre Nihant in
de kilometer tijdrit en brons voor Lode Wouters in de wegwedstrijd. Joseph
Vissers maakte de Belgische medaille oogst rond met zilver in het boksen
bij de lichtgewichten.

Robert Bruce (Bob) Mathias
De Amerikaan Robert Bruce (Bob) Mathias won de tienkamp.
Hij begon met atletiek op de middelbare school begin 1948, de zomer
van dat jaar kwalificeerde hij zich voor de Olympische Spelen. Daar
kwam zijn onervarenheid tot uiting: hij kende zelfs de regels van het
kogelstoten niet en werd bijna reglementair uitgeschakeld. Toch won
hij het goud met ruim honderd punten voorsprong op nummer twee. Met
zijn zeventien jaar was Mathias de jongste Olympisch kampioen in de atletiekgeschiedenis.
Vier jaar later in Helsinki verlengde hij met gemak zijn titel. Zijn
voorsprong op nummer twee bedroeg 912 punten: nog nooit eerder gezien.
Hetzelfde jaar kwam hij voor zijn Universiteit Stanford uit in de finale
van de Rose Bowl bij het American football. Na zijn sportcarrière
was Mathias onder andere directeur van het United States Olympic Training
Center en acht jaar lid van het Huis van Afgevaardigden voor de Republikeinen.
Net zoals zovele Amerikaanse gouden medailles, werd hij in de jaren
50 gevraagd voor filmrollen en TV-series

Karoly Takacs
Karoly Takacs was in 1938 lid van het Hongaarse schuttersteam
en sergeant in het leger, toen een defecte granaat in zijn hand ontplofte.
Zijn rechterhand, zijn schuttershand werd volledig vergruizeld. Na één maand
hospitalisatie leerde Takacs in het geheim met de linkerhand schieten.
Het jaar nadien won hij al het Hongaarse kampioenschap en was hij één
van de leden van de Hongaarse wereldkampioenschapploeg automatisch pistool.
In 1948 kwailificeerde hij zich op 38-jarige leeftijd voor Olympisch team
snelvuur pistool. Vlak voor de wedstrijd vroeg favoriet, wereldkampioen
en wereldrecordhouder Carlos Enrique Díaz Saenz Valiente hem waarom
hij in Londen was. 'Om te leren,' antwoordde Takacs, hij won
het goud en brak het wereldrecord met tien punten. Tijdens de medaille
uitreiking fluisterde Díaz Saenz Valiente, die zilver won, hem in
het oor: 'Je hebt genoeg geleerd.' Vier jaar later in Helsinki
verdedigde de Hongaar met succes zijn titel.

Fanny Blankers-Koen
De Nederlandse Fanny Blankers-Koen won goud op de 100m, de 200m, de 80m
horden en de 4x100m estafette. Doordat het wedstrijdprogramma ongunstig uitviel
kon ze niet meedoen aan het verspringen, waarin ze grote favoriet was. Bij
terugkomst in Nederland werd ze tot haar eigen verrassing door een enthousiaste
menigte onthaald. Tijdens die Olympische Spelen in Londen was Fanny Blankers-Koen
al 30 jaar oud en moeder van 2 kinderen. Haar prestaties leverden haar de
bijnamen De Vliegende Huisvrouw en The Flying Dutchmam op.
In 1949 kreeg ze in eigen land plots concurrentie van de jonge Friese
Foekje Dillema, die het jaar nadien echter in een schandaal verwikkeld
was. Na een dubieuze seksetest werd zij levenslang geschorst. Kwatongen
beweren dat Jan Blankers achter de schermen voor de uitschakeling van de
concurrente van zijn vrouw heeft gezorgd.

Micheline Ostermeyer
Micheline Ostermeyer, een Franse concertpianiste (eerste prijs piano
aan het Conservatorium van Parijs) veroverde goud in het discuswerpen
en kogelstoten, en brons in het hoogspringen. Tevens blonk ze uit in basketbal,
60m en 100m vlak, 80m horden en vijfkamp. In 1950 stopte ze met sport
om zich helemaal te concentreren op haar piano carrière.
De Tjechische turnster Maxie Provaznikova haalde het nieuws, maar niet
omwille van haar sportieve prestaties, zij was de eerste Olympische
atlete die naar het Westen overliep.
De BBC verzekerde zich met $3.000 van de uitzendrechten, maar enkel
voor een bevoorrecht publiek van 500.000 mensen.
Voor het eerst worden Olympische diploma's uitgereikt aan de zes eersten
van iedere sporttak.

Harald Sakata
De Amerikaan Harald Sakata, die zilver won in het gewichtheffen,
werd later wereldberoemd door zijn rol als Oddjob in de James Bond film
Goldfinger.
Voor het eerst startblokken voor iedereen in de sprintnummers atletiek.
Een tragische ontwikkeling in het ruitertornooi: de landenwedstrijd werd
gewonnen door de Zweden, maar één jaar later moesten die het
goud inleveren. Bleek dat Gehnäll Persson geen officier was, en dàt
was een verplichting.
<< 1936 1952
>>
|