contact | login

Waterpolo Geschiedenis : Waterpolo op de Olympische Spelen

1904StLouis1924 - Parijs

De 13 deelnemende landen speelden opnieuw een knock-out toernooi.

In de voorronde was België vrijgeloot, in de kwartfinale versloegen onze landgenoten de Hongaren met 7-2, Tsjecho-Slowakije ging in de halve finale met 5-1 onderuit.

Thuisland Frankrijk won echter het goud, België kreeg 3-0 op zijn donder. Voor het zilver herpakten de Belgen zich en wonnen ze met 4-3 van de Zweden en met 2-1 van de Verenigde Staten.

FransePloeg
de winnaars uit Frankrijk

In die Amerikaanse ploeg een zekere Johnny Weismuller, de meest bekende Tarzan van het witte doek (zie ook de beroemde spelers op deze site). Hij was in 1922 de eerste om onder de minuut te duiken in de 100m vrije slag. Wereldrecord dat hij afsnoepte van een andere zwem- en waterpololegende Duke Kahanamoku. Bovendien verwees Weismuller diezelfde Kahanamoku tijdens de Spelen in Parijs naar de tweede plaats in het koninginnenummer, en dat op dezelfde dag dat hij brons veroverde met het Amerikaanse waterpoloteam. Hij voegde daar ook nog eens het goud aan toe van de 400m vrije slag en de 4 x 200m vrij. Vier jaar later deed dat nog eens over met goud op 100m vrij en 4 x 200m vrij.

Zwemmen

De zwemcompetitie werd betwist in het eerste Olympisch zwembad van Tourelles, speciaal voor de Spelen gebouwd in hartje Parijs. Voor het eerst werden, voor een betere oriëntatie, ook lijnen uitgelegd met kurken noppen.

torenspringen
Het torenspringen in het splinternieuwe zwembad van Tourelles

Gertrude Ederle (USA) won de bronzen medaille op de 100 m vrije slag. Twee jaar later zwemt ze als eerste vrouw het kanaal over, twee uur sneller dan de mannen tot dan toe.

JohnnyWeismuller

Johnny Weissmuller, hier na de 400 m vrije slag op de foto met de Australiër Andrew Charlton (brons) en de Zweed Arne Borg (zilver), startte in Parijs een immense carrière. Vijf maal olympisch goud, 36 Amerikaanse titels, en dit alles zonder één wedstrijd te verliezen in zijn tienjarige carrière. Zijn wereldrecord van 51 seconden op 100 yard vrije slag hield liefst 17 jaar stand.

Olympische Anekdotes uit 1924

Voor het eerst wordt de Olympisch leuze Citius, Altius, Fortius gebruikt en ook voor het eerst een grote afvaardiging van Afrikaanse en Aziatische landen.

De Spelen worden later wereldberoemd dank zij de film Chariots of Fire van Hugh Hudson, waarin het verhaal beschreven wordt van de Britten Harold Abrahams en Eric Liddell, die goud haalden op de 100m en 400m.

Fenomenaal succes van de vliegende Finnen Paavo Nurmi en Ville Ritola in het lange afstandslopen: Nurmi won eerst de 1.500 meter en ongeveer een uur later ook de 5.000 meter. Later zou hij ook nog de individuele crosscountrywedstrijd winnen. Ritola won de 10.000 meter in een nieuw wereldrecord (30.23.2) en de 3.000 meter steeple, en werd tweede achter Nurmi op de 5.000 meter en de crosscountry. Samen met de rest van Finse team wonnen beide heren ook nog de 3.000 meter en de crosscountry bij de teams. Het Finse loopsucces werd vervolledigd met de overwinningen van Albin Stenroos op de marathon, Jobbi Myyrä in het speerwerpen en Eero Lehtonen in de moderne vijfkamp.

Bij het roeien ging de overwinning bij de acht zonder stuurman naar de Amerikaanse ploeg. Een van die acht roeiers was Benjamin Spock, die later wereldbekend zou worden als kinderarts.

De Belgische delegatie deed het vrij goed in Parijs met 13 medailles. Zo was er voor het eerst goud in het boksen met de overwinning van Jean Delarge. Eveneens goud voor zeiler Leon Huybrechts en de schermers Charles Delporte en Maurice Van Damme.

olympischdorp

Voor het eerst worden de atleten ondergebracht in een soort 'Olympisch dorp', niets meer dan een groep houten barakken met weinig comfort.

 

<< 1920                                                                                                1928 >>